Naar inhoud springen

Jan Lambooy

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Jan Lambooy
Jan Lambooy (1983)
Jan Lambooy (1983)
Academische achtergrond
Alma mater Vrije Universiteit AmsterdamBewerken op Wikidata

Johannes Gerard (Jan) Lambooy (Pajeti (Indonesië), 23 oktober 1937) is een Nederlands geograaf en emeritus hoogleraar.

Lambooy studeerde sociale geografie en culturele antropologie aan de Universiteit van Amsterdam bij Hans Dirk de Vries Reilingh. Hij deed in 1962 doctoraal examen. Daarna trad hij in dienst bij de Vrije Universiteit Amsterdam als wetenschappelijk medewerker. In 1969 promoveerde hij en werd daarna lector. In 1972 volgde zijn benoeming als hoogleraar Economische Geografie en Regionale Economie aan de Universiteit van Amsterdam. Van 1975 tot 1977 was hij mede-directeur van SEO Economisch Onderzoek. Tussen 1997 en 2002 was hij hoogleraar Ruimtelijke Economie aan de Universiteit Utrecht. In 2002 ging hij met emeritaat. De titel van zijn afscheidscollege was Ruimte voor complexiteit. Over structuren, zelforganisatie en netwerken in de economische geografie.

Wetenschappelijk werk

[bewerken | brontekst bewerken]

Lambooy promoveerde in 1969 bij Marcus Willem Heslinga. Het onderwerp van zijn proefschrift was de agrarische hervorming in Tunesië na het bereiken van de onafhankelijkheid in 1956. Voor zijn onderzoek koos Lambooy voor een uitgesproken sociaal-geografische aanpak. Het theoretisch kader vond hij in de ideeën over sociale ecologie en ecologisch complex die waren ontwikkeld door Otis Duncan en Chris van Paassen. Opvallend was ook de nadruk op het belang van een interdisciplinaire aanpak voor zijn onderzoek. Dat zou typerend worden voor al zijn wetenschappelijk werk. Aan het door Duncan ontwikkelde begrip ecologisch complex (de samenhang tussen Bevolking-Organisatie-Omgeving en Technologie)[1] voegde Lambooy het cultuurpatroon als vijfde factor toe. Bij cultuurpatroon dacht Lambooy aan de effecten van aanwezige kennis, voorstellingen, waarden en normen[2]. Hij concludeerde dat bij de agrarische hervormingen onvoldoende aandacht was geschonken aan de onderlinge samenhang in het ecologisch complex. Er was meer aandacht nodig geweest voor de invloed van de sociaal-culturele processen.

Het gedachtegoed van het ecologisch complex was ook terug te vinden in de bundel ‘Stad en stadsgewest in de ruimtelijke orde’ geredigeerd met Adriaan Bours in 1970[3]. In deze bundel geven geografen en planologen een overzicht van de stand van het onderzoek over het verstedelijkingsproces in Nederland.

Tussen 1970 en 1980 maakte Lambooy zich in hoog tempo de economische theorie en met name de ruimtelijke economie eigen [4]. Vanaf die periode werkte hij op het snijvlak van de sociale geografie en de (institutionele) economie om de samenhang tussen economische dynamiek en stedelijke en regionale processen te analyseren. Hij ging zich bezighouden met stedelijk werkloosheid en met de rol van de informele economie in stedelijke gebieden. In 1982 schreef hij met anderen voor de WRR (Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid) de publicatie ‘Greep op de stad’. Daarin werd een pleidooi gehouden voor een multidisciplinaire aanpak en werd de voorkeur uitgesproken voor een institutioneel-economische benadering[5]. Dit om in het onderzoek zicht te blijven houden op de onderlinge samenhang van de stedelijke problemen.

Lambooy publiceerde met Ron Boschma, die bij hem was gepromoveerd, verschillende artikelen[6] over de betekenis van de evolutionaire economie voor de economische geografie. Regio’s ontwikkelen zich via een langdurig proces van kennisproductie en kennisoverdracht en economische en ruimtelijke ontwikkelingen verlopen evolutionair. Geschiedenis en toevallige gebeurtenissen maken dat onzekerheid en onvoorspelbaarheid het innovatieproces beïnvloeden.

Lambooy wees ook op het belang van stedelijke regio’s voor kennisontwikkeling en innovatie. Stedelijke agglomeraties zijn unieke leeromgevingen voor innovatieve ondernemers[7].

Bij het afscheid van Lambooy in 2002 werd door Ron Boschma en Robert Kloosterman[8] een conferentie georganiseerd over de betekenis van clusters als concentratie van innovatieve bedrijfsactiviteiten. Deze conferentie kon worden gezien als een eerbetoon aan zijn wetenschappelijk werk. Lambooy wordt beschouwd als een van de grondleggers van de evolutionaire economische geografie[9].

Lambooy publiceerde (vaak met anderen) een reeks van invloedrijke leerboeken en overzichtswerken over de economische geografie en de ruimtelijke economie.

Lambooy begeleide meer dan 50 promovendi[10] waaronder Ron Boschma, Robert Kloosterman, Barbara Baarsma, Antonius Julius Butter en Luigi van Leeuwen.

(Lambooy publiceerde een groot aantal boeken, hoofdstukken in boeken en artikelen. Hieronder een zeer beperkte selectie)

  • J.G. Lambooy, De agrarische hervorming in Tunesië. Proeve van een sociaal-geografisch onderzoek, Academisch proefschrift, Vrije Universiteit Amsterdam, Assen Van Gorcum, 1969
  • A. Bours en J. Lambooy, Stad en stadsgewest in de ruimtelijke orde: Moderne Geografie ten dienste van de planologie en de bestuurlijke ontwikkeling, Van Gorcum, Assen, 1970
  • J.G.Lambooy, P.C.M. Huigsloot en R.E. van de Lustgraaf, ‘Greep op de stad’, WRR, V28, 1982
  • J.G. Lambooy, Ekonomie en Ruimte. Inleiding in de Economische geografie, 2 delen, Van Gorcum Assen, 1972, 1976, 1980/81
  • J.G. Lambooy en P.H Renooy, Bouwstenen voor de informele arbeidsmarkt, Den Haag, 1985
  • J.G Lambooy en H.W. ter Hart, Stedelijke economische dynamiek: een inleiding in de Economische geografie, Coutinho, Muiderberg, 1989
  • J.G. Lambooy en E. Wever, Regionale Economische Dynamiek: een Inleiding in de Economische Geografie, Coutinho, Bussum, 1995
  • Oedzge Atzema, Jan Lambooy, Ton van Rietbergen & Egbert Wever (1997) ‘Ruimtelijk Economische Dynamiek. Kijk op bedrijfslocatie en regionale ontwikkeling. Uitgeverij Coutinho Bussum ( derde herziene druk, 2015)
  • Ron A. Boschma and Jan G. Lambooy, Evolutionary economics and economic geography, Journal of Evolutionary Economics, 1999 (9) : pp. 411-429
  • Atzema, O.A.L.C. & J.G. Lambooy, Agglomeration economies and migration of firms. In: J. van Dijk and P.H. Pellenbarg (eds.), Demography of firms. Spatial dynamics of firm behaviour. NGS 262, Utrecht/Groningen: KNAG, 2000, pp. 123-140.
  • Jan G. Lambooy, Knowledge and Urban Economic development: An Evolutionary Perspective, Urban Studies, 2002, (39)5-6, pp. 1019-1035
  • Lambooy, J.G. Ruimte voor complexiteit – Over veranderende structuren, zelf-organisatie en netwerken in de Economische geografie. Afscheidscollege Universiteit Utrecht. 2002, Utrecht: FRW.
  • Boschma, R.A., K. Frenken & J.G. Lambooy (2002), Evolutionaire Economie. Een inleiding. Bussum: Coutinho.
  • Jan Lambooy, The evolution of spatial patterns over long time-horizon: the relation with technology and economic development, In: Ron Boschma and Ron Martin (eds), The Handbook of Evolutionary Economic geography, Cheltenham, 2010, pp. 471-487
  • J.G. Lambooy, Schumpeter: the innovating economist. In: Regional Studies Association: Regional Insights, 2012, Vol.3 (2).
Zie de categorie Jan Lambooy van Wikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp.